de tovenaarsleerling, december 2015
kunstje

HET F-GESPREK

Een vriend van me, zelf ernstig teleurgesteld in de liefde, is warm pleitbezorger van het “KTH”. Al te veel romantiek en vertrouwen is naïef, zegt hij. En daarom is hij voor het ‘Korte Termijn Huwelijk’. Volgens hem het ultieme antwoord op de sleur en verstarring die vroeg of laat in elke relatie optreden. Na een jaar bespreek je hoe het gaat. Loopt het nog lekker? Hou je nog van me? Heb je nieuwe wensen? Wat zullen we veranderen aan onze afspraken? En die leg je vast voor een volgend wervelend huwelijksjaar.

Stel dus, je hebt een relatie. Je probeert, zoals dat heet, het beste in elkaar naar boven te halen. Samen groeien, iets moois ervan maken. En je voert daartoe één keer per jaar een “gelijkwaardige dialoog” met je partner. Werkt dit?

Not!

Logisch: Spettert de liefde, dan wordt het een malle vertoning. Je bent al voortdurend aan het afstemmen. En andersom, ben je uitgekeken op elkaar, dan geeft zo’n jaarlijkse check gegarandeerd het laatste duwtje naar de afgrond. Geeft die vriend nu ook wel toe.

Laat dit model nou sterk lijken op het functioneringsgesprek, ingevoerd in de jaren zeventig. Wikipedia zegt: ‘Een functioneringsgesprek is een gelijkwaardige dialoog. De leidinggevende stelt vragen over het functioneren van de medewerker en de medewerker stelt gelijke vragen aan zijn leidinggevende.' Vanaf de jaren negentig kwam de nadruk meer op afspraken. Heb je je prestaties gehaald, wat moet er komend jaar gebeuren?

Een puike manager stemt natuurlijk wat vaker met je af dan één keer per jaar. Niet alleen over prestaties - dan dreigt het weer een eenzijdig onderhoud te worden. En statisch: want die prestaties, dat waren de doelen van vorig jaar. Interessanter is waar we allebei naartoe willen. Waar wil mijn leidinggevende heen met de groep en hoe ziet zij mijn rol daarin? Wat voor rol zie ik voor mezelf?

In elke relatie is er een spanning tussen het ‘ik’ en het ‘wij’. Je wilt een’ ik’ zijn, met eigen behoeften en idealen, maar ook een ‘wij’, samen presteren en ontwikkelen. Het gaat goed zolang er beweging is tussen die perspectieven, en begrip.

Dan kan er iets moois bloeien.

In de liefde. En op het werk.

Metaaljournaal september 2015